Hoe inkomstenbelasting berekenen? Zo werkt het stap voor stap

Wil je weten hoeveel inkomstenbelasting je moet betalen? Dan begin je bij je belastbaar inkomen en pas je daarop de belastingschijven toe. Hoe je inkomstenbelasting berekent, hangt af van je inkomensbron, je persoonlijke situatie en welke aftrekposten je hebt. In dit artikel leggen we het stap voor stap uit.
Wat is belastbaar inkomen?
Voordat je iets kunt berekenen, moet je weten over welk bedrag je belasting betaalt. Dat heet je belastbaar inkomen. De Belastingdienst verdeelt je inkomen in drie groepen, ook wel boxen genoemd.
Box 1 gaat over inkomen uit werk en woning. Denk aan je salaris, winst uit een eigen bedrijf, uitkeringen en het eigenwoningforfait. Box 2 gaat over inkomen uit een aanmerkelijk belang, bijvoorbeeld als je een groot deel van de aandelen in een bedrijf bezit. Box 3 gaat over spaargeld en beleggingen. De Belastingdienst berekent daarvoor een fictief rendement en belast dat.
Voor de meeste mensen is box 1 het belangrijkst. Die box werkt met belastingschijven.
Hoe werken de belastingschijven?
In box 1 betaal je niet over al je inkomen hetzelfde percentage. Je inkomen wordt verdeeld over schijven, en over elke schijf geldt een ander tarief. De twee schijven werken als volgt: over het inkomen tot een bepaalde grens betaal je een lager tarief, en over alles daarboven betaal je een hoger tarief. De exacte grenzen en percentages wijzigen elk jaar. Check altijd de actuele tarieven op de website van de Belastingdienst.
Het tarief in de eerste schijf geldt ook voor de premies voor de volksverzekeringen, zoals de AOW. Ben je de AOW-leeftijd gepasseerd? Dan betaal je over de eerste schijf een lager tarief, omdat je dan geen AOW-premie meer betaalt.
Stap voor stap je inkomstenbelasting berekenen
- Stap 1: Bepaal je bruto-inkomen. Dit is je totale inkomen voor aftrek van belasting. Denk aan je jaarsalaris, uitkering of winst uit onderneming.
- Stap 2: Trek aftrekposten af. Sommige kosten mag je van je inkomen aftrekken. Bekende voorbeelden zijn hypotheekrente, partneralimentatie die je betaalt en zelfstandigenaftrek als je ondernemer bent. Wat overblijft is je belastbaar inkomen.
- Stap 3: Pas de belastingschijven toe. Verdeel je belastbaar inkomen over de schijven en bereken per schijf hoeveel belasting je betaalt. Tel die bedragen bij elkaar op. Dit is je belasting vóór heffingskortingen.
- Stap 4: Trek heffingskortingen af. Heffingskortingen zijn kortingen op de belasting die je moet betalen. De algemene heffingskorting en de arbeidskorting zijn de bekendste. Ze verminderen je uiteindelijke belastingbedrag direct.
- Stap 5: Vergelijk met ingehouden loonheffing. Als je in loondienst werkt, houdt je werkgever al loonheffing in. Vergelijk dat bedrag met de berekende inkomstenbelasting. Heb je te veel betaald? Dan krijg je geld terug. Heb je te weinig betaald? Dan moet je bijbetalen.
Wat zijn heffingskortingen precies?
Heffingskortingen zijn bedragen die je van je berekende belasting aftrekt. Ze zijn er voor bijna iedereen, maar de hoogte verschilt per situatie. De algemene heffingskorting krijgt vrijwel iedereen. De arbeidskorting krijg je als je inkomen uit werk hebt. Hoe hoger je inkomen, hoe lager de kortingen vaak worden. Bij een hoog inkomen kunnen ze zelfs helemaal wegvallen.
Er zijn ook andere kortingen, zoals de inkomensafhankelijke combinatiekorting voor werkende ouders met jonge kinderen, of de ouderenkorting voor mensen boven de AOW-leeftijd. Welke kortingen jij krijgt, hangt af van jouw persoonlijke situatie.
Aangifte doen of een rekentool gebruiken
Je hoeft de berekening niet met de hand te maken. De Belastingdienst biedt via Mijn Belastingdienst een aangifte-omgeving aan waarin je precies ziet hoeveel je moet betalen of terugkrijgt. De Kamer van Koophandel biedt ook een handige rekentool aan, speciaal voor ondernemers die willen weten hoeveel inkomstenbelasting ze in een bepaald jaar gaan betalen.
Doe je aangifte op tijd. De deadline is normaal gesproken 1 mei van het jaar na het belastingjaar. Heb je uitstel nodig? Dat kun je aanvragen bij de Belastingdienst.
Rekening houden met box 3
Heb je spaargeld, beleggingen of ander vermogen boven de vrijstelling? Dan betaal je mogelijk ook belasting in box 3. De Belastingdienst berekent daarvoor een fictief rendement op basis van je vermogen. Dat rendement wordt belast tegen een vast tarief. Je hoeft dus niet je werkelijke rente of winst op te geven, maar het fictieve bedrag dat de Belastingdienst vaststelt.
Let op: de regels rondom box 3 zijn de afgelopen jaren veranderd en kunnen opnieuw wijzigen. Controleer altijd de actuele regels op belastingdienst.nl.
Zo houd je je belastingbedrag overzichtelijk
Inkomstenbelasting berekenen lijkt ingewikkeld, maar met de juiste stappen kom je er goed uit. Begin bij je bruto-inkomen, trek aftrekposten af, pas de schijven toe en verminder je belasting met de heffingskortingen. Gebruik de aangifte-omgeving of een rekentool als houvast. Twijfel je? Een belastingadviseur of de Belastingtelefoon kan je verder helpen.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen loonbelasting en inkomstenbelasting?
Loonbelasting is een voorheffing die je werkgever elke maand inhoudt op je salaris. Inkomstenbelasting is de definitieve belasting die je over een heel jaar betaalt. Bij het doen van aangifte wordt verrekend hoeveel loonbelasting je al hebt betaald. Het verschil ontvang je terug of moet je bijbetalen.
Kan ik inkomstenbelasting berekenen zonder aangifte te doen?
Ja, je kunt een schatting maken met een rekentool, zoals die van de Kamer van Koophandel of via de Belastingdienst. Zo zie je vooraf wat je ongeveer gaat betalen of terugkrijgen. De exacte berekening volgt pas bij de officiële aangifte.
Wat zijn aftrekposten en welke mag ik gebruiken?
Aftrekposten zijn kosten die je van je inkomen mag aftrekken voordat de belasting wordt berekend. Bekende aftrekposten zijn betaalde hypotheekrente, partneralimentatie en de zelfstandigenaftrek voor ondernemers. Welke aftrekposten voor jou gelden, hangt af van je persoonlijke en financiële situatie.
Hoe weet ik of ik geld terugkrijg of moet bijbetalen?
Dat weet je pas na het doen van je aangifte. De Belastingdienst vergelijkt dan hoeveel belasting je al hebt betaald via loonheffing of voorlopige aanslagen, met de inkomstenbelasting die je daadwerkelijk verschuldigd bent. Op de aanslag staat het uiteindelijke bedrag dat je terugkrijgt of nog moet betalen.




