OZB-belasting berekenen: zo doe je dat

Je OZB-belasting berekenen doe je door de WOZ-waarde van je woning of pand te vermenigvuldigen met het OZB-tarief van je gemeente. Gemeente ’s-Hertogenbosch geeft als rekenvoorbeeld een woning met een WOZ-waarde van € 350.000 en een tarief van 0,0686%. De OZB is dan € 240,10. Jouw bedrag kan anders zijn: elke gemeente stelt haar eigen tarieven vast.
OZB-belasting berekenen in drie stappen
Voor de berekening heb je de WOZ-waarde en het juiste tarief voor hetzelfde belastingjaar nodig. De WOZ-waarde is de door de gemeente vastgestelde waarde van je woning of pand.
- Zoek de WOZ-waarde op je WOZ-beschikking of aanslag.
- Zoek het OZB-tarief van je gemeente op. Kies het tarief dat past bij een woning of niet-woning en bij jouw situatie als eigenaar of gebruiker.
- Vermenigvuldig de WOZ-waarde met het tarief en deel de uitkomst door 100.
De formule is: WOZ-waarde × OZB-tarief ÷ 100 = OZB-bedrag.
In het voorbeeld van ’s-Hertogenbosch is de berekening: € 350.000 × 0,0686 ÷ 100 = € 240,10. Gebruik je een rekenmachine met een procentknop, dan kun je ook € 350.000 × 0,0686% invoeren.
Welk OZB-tarief gebruik je?
Voor een woning gebruik je het tarief voor eigenaren van woningen. Huur je een woning, dan betaal je daarvoor geen OZB als gebruiker.
Voor een bedrijfspand of andere niet-woning gelden andere tarieven. Ben je eigenaar, dan bereken je het eigenarendeel. Ben je gebruiker, dan bereken je het gebruikersdeel. Ben je zowel eigenaar als gebruiker, dan bereken je beide delen en tel je ze bij elkaar op.
Zo gelden in Gooise Meren in 2026 voor een bedrijfspand tarieven van 0,1749% voor de eigenaar en 0,1336% voor de gebruiker. Bij een pand met een woon- en een bedrijfsgedeelte kan de berekening van het gebruikersdeel anders zijn. De gemeente bepaalt welk deel belast is.
Welke WOZ-waarde hoort bij je berekening?
Gebruik de WOZ-waarde op de beschikking voor het belastingjaar waarvoor je de OZB wilt weten. De gemeente stelt deze waarde elk jaar opnieuw vast. Daarbij geldt meestal het prijspeil op 1 januari van het vorige jaar. Is het pand daarna bijvoorbeeld verbouwd, dan kan de gemeente de nieuwe toestand wel meenemen in de waardering.
Je eigen WOZ-waarde vind je op de beschikking, vaak samen met de aanslag. Je kunt de waarde van woningen ook gratis opzoeken via het WOZ-waardeloket. Het taxatieverslag van je gemeente laat zien hoe de waarde is onderbouwd.
Een hogere WOZ-waarde betekent niet automatisch dat je OZB met hetzelfde percentage stijgt. De gemeente kan namelijk ook het tarief aanpassen. Vergelijk daarom zowel de waarde als het tarief met die van het vorige belastingjaar.
OZB berekenen na aankoop of verkoop
Voor de aanslag kijkt de gemeente wie op 1 januari eigenaar of gebruiker is. Verkoop je je woning later in het jaar, dan blijft de OZB-aanslag voor dat jaar op jouw naam staan. Bij de verkoop verrekent de notaris de eigenarenbelasting meestal met de koper.
Komt je eigen berekening niet overeen met de aanslag, vergelijk dan eerst de WOZ-waarde en het gebruikte tarief. Ben je het niet eens met de WOZ-waarde, dan kun je binnen zes weken na de dagtekening bezwaar maken bij de gemeente.




